For Sama


For Sama is een intrigerende film – die iedereen zou moeten zien – over de belegeringen van Aleppo én het prille moederschap van journalist Waad Al-Kateab. Het is een wonder dat de filmmaakster Waad Al-Kateab, haar man Hamza en dochtertje Sama ongeschonden uit deze strijd zijn gekomen.

Waad Al-Kateab legt met haar camera onder bizarre omstandigheden alle gruwelen en dagelijkse gebeurtenissen rond haar familie en Aleppo vast. De gevaren komen steeds dichterbij en het gezin worstelt met het dilemma: gaan zij vluchten om de veiligheid van hun dochtertje Sama te waarborgen of blijven ze?

De trailer van For Sama kun je hier bekijken.

#MeToo


Dit kan echt niet meer sinds #MeToo. Aanraken is nu ‘absoluut uit den boze’. Overigens is voor zowel de politievrouw als de -man het uniform tegenwoordig nagenoeg gelijk. Het bolhoedje van de politievrouw is vervangen door een pet, de rok door een nette broek en de zwarte platte damesschoenen door stevige stappers. Het nieuwe damesuniform past beter in deze tijd en straalt beter het gezag uit.

Afbeelding: ‘Vrouwen helpen een handje’- Aernoud Bourdrez, 1989

Gratis, af te halen…

Josefien Sjoerds vertelt een bijzonder verhaal over een stoplap uit 1889:

‘Rond de feestdagen van december 2019 trok een advertentie op het internet mijn aandacht omdat er een foto bij stond van een grote stoplap. Er stond boven: GRATIS, af te halen… . Nu zijn er natuurlijk wel vaker mensen die antiek textiel afstaan aan een liefhebber, maar in mijn leven zijn dat vaak mensen waarmee ik al op een of andere manier contact heb. Toen ik de advertentie las leek het er toch echt op dat de eigenaar de lap werkelijk cadeau zou gaan doen aan iemand die reageerde, dus dat deed ik, hoewel een beetje met ongeloof. Maar mijn twijfel was ongegrond, want ik kón en mocht de lap inderdaad ophalen in het centrum van Amsterdam. Op nieuwjaarsdag jongstleden reed ik er heen, mijn jaar begon goed, zal ik maar zeggen. Dit is de stoplap waar het om ging:


Het is een hele grote lap (60x64cm) en gemaakt in Amsterdam op de Openbare Werk- en Leerschool. Ik hoopte van de gever ook wat aanwijzingen te krijgen over een mogelijke maakster zodat ik op zoek kon gaan naar haar geschiedenis, maar dat bleek niet nodig. Toen mijn interesse duidelijk was kreeg ik de aanknopingspunten op een presenteerblaadje.

Ik kon een vrij compleet achtergrondverhaal maken, na zoeken in archieven, maar Berthi en haar man Peter hebben zich over dit verhaal ook nog eens gebogen, waardoor ik heel interessante details kon toevoegen. Zonder hun hulp was dit niet aan het licht gekomen, dus een heel belangrijke bijdrage. We delen het nu graag met iedereen die het wil lezen.

De maakster van de stoplap is Hendrika Alida van der Jagt (rechtsonder op de lap te lezen). Zij werd geboren in 1872 als vijfde kind in het gezin van een suikerbakker, dat zou je nu een banketbakker noemen, denk ik, of een patissier. Het zusje, dat voor haar geboren was, had dezelfde namen maar was ook alweer overleden zodat zij alsnog déze namen kreeg. Zo ging dat in die tijd. Ze woonde in de Palmstraat, hartje Amsterdam, en dat is een paar honderd meter lopen van de plek waar ik de stoplap recentelijk heb opgehaald! Toen Hendrika veertien jaar was overleden in hetzelfde jaar (1886) allebei haar ouders in de leeftijd van respectievelijk 58 en 52 jaar. Het is onbekend waaróm, maar mogelijk was dat nog een gevolg van de mazelenepidemie, die in 1885 en een deel van ‘86 in Amsterdam nogal wat slachtoffers eiste. De kinderen van de suikerbakker, Hendrika had ook nog 2 jongere zusjes van 12 en 10 jaar, werden toen dus wees, te jong om voor zichzelf te zorgen.

Net als haar moeder was Hendrika Evangelisch Luthers (haar vader was Nederlands Hervormd) zodat zij in september 1886 werd ingeschreven in het Evangelisch Luthers Weeshuis op de Weteringschans in Amsterdam.


Bron: Collectie Stadsarchief Amsterdam, circa 1910, vervaardiger Hisgen, F. (1846-1912).

Bij de inschrijving werd wel een fout gemaakt, als geboortedatum werd 10 februari 1873 vermeld, maar dit moet 10 februari 1872 zijn. Je mag verwachten dat zij handwerkonderwijs kreeg in het Evangelisch Luthers Weeshuis. Aanvankelijk dacht ik, door het uiterlijk van de stoplap en de data, dan ook dat het handwerk van Hendrika daar gemaakt zou zijn, maar de initialen op de lap bleken concreet te verwijzen naar de regenten van de Openbare Werk- en Leerschool in Amsterdam. Hoe is dit te verklaren?
Rond 1900 was het Evangelisch Luthers Weeshuis een klein weeshuis met weinig weeskinderen. Het merendeel van de weeskinderen werd in een pleeggezin geplaatst en slechts de minderheid bleef in het weeshuis wonen. De kosten van de weeskinderen in een pleeggezin werden vergoed door het weeshuis. Het is dus denkbaar dat Hendrika verder opgroeide in een Amsterdams pleeggezin, maar ingeschreven bleef in het weeshuis. Zij mocht een opleiding volgen aan de Openbare Werk- en Leerschool en zij maakte daar haar mooie stoplap, die af was in 1889.

Bovenin de lap staan de initialen: SW en BWvY. Dat is het regentenechtpaar S. Wildschut en B. Wildschut-van IJsendijk Daarna: WAD en ACDPK, het regentenechtpaar W. A. Domis en A.C. Domis-Provo Kluit. Vervolgens: IGA en INW. Het gaat hier om de regent J.G. Aikema en de regentes J. Noyon-Wouters. De I staat zowel voor de I als de J. Helemaal onderin staat dan nog CBvGK en dat is Catharina Barbara van Geldere-Klinkmeyer, toen ongeveer 52 jaar en op dat moment de directrice van de school. Deze vrouw was zelf een oud-leerling en werd als 15-jarige als hulpje voor de lerares ingeschakeld. Ze is altijd op die school “blijven hangen” en opgeklommen naar de functie van eerste leermeesteres en uiteindelijk directrice. Ze is ruim 45 jaar aan de school verbonden geweest en had een heel goede band met de leerlingen. Zij onderhield contact met hen als ze de school al verlaten hadden en veel leerlingen vroegen haar ook om raad als er iets problematisch was in hun leven. Dergelijke functies waren overigens ongeveer de enige die getrouwde vrouwen mochten bekleden in die tijd.

Hendrika voltooide de lap toen ze 17 jaar was en het is bekend dat de meisjes daar soms wel drie jaar over deden omdat ze er lang niet altijd aan mochten werken. Er moest op die school nu eenmaal ook productie worden geleverd zoals naai- en borduurwerk maken voor mensen die zich dat konden veroorloven. Daar bestond de school hoofdzakelijk van. Het was een zogenaamde “armenschool” waarvan de leerlingen en hun ouders de kosten van het onderwijs niet konden betalen en er moest dus op andere wijze geld binnenkomen. Het werd gezien als een voorrecht als je een plek kreeg op de school en ook alleen de meisjes die “met lof” afscheid namen van het lager onderwijs kwamen er voor in aanmerking.


Detail van de stoplap.

De meisjes werden er vooral opgeleid om een dienstbare functie te gaan uitoefenen in het huishouden van meer welgestelden en dat bleek ook de toekomst voor Hendrika. Een jaar nadat ze haar stoplap af had, werd zij in mei 1890 “ontslagen” uit het Evangelisch Luthers Weeshuis. Zij ging werken als dienstbode. Haar eerste uitzet van het weeshuis kreeg Hendrika in 1890 bij haar vertrek en haar tweede in 1892. De tweede uitzet werd toegestaan omdat zij haar werk goed deed. Je moet niet denken dat ze dan twee keer hetzelfde kreeg, vaak was de tweede uitzet een spaarbankboekje met een klein geldbedrag of iets anders nuttigs. De optie hiervoor in aanmerking te kunnen komen, moest de meisjes stimuleren goed hun best te blíjven doen.

Net als bij het Burgerweeshuis in Amsterdam werden de weesmeisjes uit het Evangelisch Luthers Weeshuis na hun ontslag nog een aantal jaren gevolgd. Dit zou voor Hendrika tot en met 1895 zijn. Op 5 februari 1894 was Hendrika zelfs aanwezig bij een vergadering van het weeshuis. Het lijkt er dus op dat de verhouding tussen Hendrika en het weeshuis goed was. Hendrika had meerdere betrekkingen als dienstbode in Amsterdam totdat zij op 15 mei 1906 op 34-jarige leeftijd in dienst kwam bij Abraham Christiaan Fontani en zijn vrouw Sophia Margaretha Elisabeth van den Bel op de Van Eeghenstraat 106, achter het Vondelpark. Dit echtpaar had vijf kinderen. Sophia overleed echter een jaar later, op 9 juli 1907.

Fontani was zilversmid en had zich gespecialiseerd in de combinatie van zilver met glas, zoals je bijvoorbeeld kunt zien op onderstaande foto van zijn werk.


Hendrika kwam daar als geroepen en geen “boze-stiefmoeder-verhalen” in dit gezin want de kinderen waren snel dol op haar geworden. Ze zou er nooit meer weggaan. Op 23 september 1915 trad Hendrika in het huwelijk met de zilversmid: Abraham was toen 51 jaar oud en Hendrika 43 jaar.

Een groot deel van hun leven woonden ze op de Westermarkt in Amsterdam. Op de foto hieronder zie je hun huis, Hendrika en het echtpaar op latere leeftijd.


De enige zoon van de smid werd ook zilversmid en toen hij zelf een dochter kreeg noemde hij haar naar zijn stiefmoeder Hendrika, een ultieme bevestiging van de goede relatie die ze met haar hadden. De zilversmederij heeft ruim 75 jaar bestaan, maar werd rond 1970 gesloten door gebrek aan opvolging.


Alle kleinkinderen, die geboren werden, vonden Hendrika een geweldige oma en dat gold ook voor de achterkleinkinderen: “ze was een ontzettend leuke vrouw en je kon erg met haar lachen.” Er werd in haar leven veel van haar gehouden en ze werd ruim 100 jaar. Ze was toen al vele jaren de enige overgeblevene van haar ouderlijk gezin. De achterkleinzoon vindt het een voorrecht om anno 2020 tussen een deel van haar mooie spulletjes te mogen leven, zo houdt hij de herinnering aan haar levend.


En ik was heel blij met haar handwerk én de mogelijkheid haar verhaal vast te leggen en met jullie te delen.’

Storm Ciara


Houd je sjaal en muts stevig vast want storm Ciara komt eraan. Het advies is zelfs om beter thuis te blijven en niet naar buiten te gaan. Volgens de laatste berekeningen zijn er zondagmiddag en -avond zeer zware windstoten tot 120 kilometer per uur.

‘Aan de kust kun je zondag op de pier moeite hebben om goed te blijven staan. In Scheveningen is het rond 15.00 uur vloed. Het water is bij een zuidwesterstorm wel minder hoog dan bij een storm uit het westen tot noordwesten’, aldus het weerbureau.

Ciara is de eerste storm die door het KNMI bij naam wordt genoemd. Naamgeving van stormen moet het ‘bewustzijn van gevaarlijk weer verhogen’, hoopt de meteorologische dienst.

De foto maakte ik op de Dam in Amsterdam.

Fotomuseum Den Haag – Eddy Posthuma de Boer


In het Fotomuseum Den Haag is tot en met 26 april 2020 de tentoonstelling Eddy Posthuma de Boer te zien. In deze tentoonstelling wordt vooral de periode van de jaren vijftig tot aan begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw uit het oeuvre van Eddy Posthuma de Boer uitgelicht, waaronder werken uit zijn eerste grote tentoonstelling in het Stedelijk Museum Schiedam in 1961. Daarnaast wordt de nadruk gelegd op zijn bijzondere band met de literaire wereld. Zijn liefde voor taal en literatuur zien we terug in de vele auteursportretten maar ook in de woordgrappen die Posthuma de Boer vindt op naambordjes, in etalages en tijdens toevallige ontmoetingen van tekst en passanten.

Deze prachtige fototentoonstelling is een bezoek waard!

Leon & Juliette – Annejet van der Zijl


De Poëzieweek is nog maar amper uit beeld of de aandacht wordt al gericht op de Boekenweek die dit jaar van 7 tot en met 15 maart is. Tijdens deze week krijg je bij besteding van 15 euro aan Nederlandstalige boeken het Boekenweekgeschenk Leon & Juliette van Annejet van der Zijl cadeau. Ik ben benieuwd!

Annejet van der Zijl schreef in 2019: ‘Ik ben heel blij dat ik het Boekenweekgeschenk 2020 mag schrijven. Net toen dit ter sprake kwam, was ik me aan het verdiepen in een Amerikaans-Nederlandse liefdesgeschiedenis in tijden van onderdrukking en slavernij, de negentiende eeuw dus. Ik ben er inmiddels voor naar Amerika geweest en het is inderdaad een uitzonderlijk verhaal dat me bij uitstek geschikt lijkt voor het brede en hopelijk ook nieuwe publiek dat ik met dit geschenk wil bereiken. Daarbij heb ik natuurlijk zin in de feestweek zelf. Sinds ik boeken maak ben ik al zoveel lieve collega’s, boekenvakkers en enthousiaste lezers tegengekomen – ik hoop ze tijdens de Boekenweek allemaal om me heen te hebben.’

Over Sonny Boy van Annejet van der Zijl lees je in dit bericht en over een lezing lees je hier.

Jaap Robben


Gistermiddag was Jaap Robben te gast bij Literair Café Dommeldal. De schrijver las voor uit eigen werk en gaf een inkijkje in het ontstaan van een gedicht.

Jaap Robben kreeg bekendheid met zijn gedichten voor jongeren en ouderen. In 2014 kwam zijn debuutroman Birk uit en in 2018 volgde Zomervacht. Het laatstgenoemde boek werd door het boekenpanel van De Wereld Draait Door gekozen tot Boek van de Maand september en het boek werd onder andere genomineerd voor de Libris Literatuurprijs 2019, Beste boek voor jongeren 2019 en de Confituur Boekhandelsprijs 2019. Zowel Birk als Zomervacht zal verfilmd worden.

In 2008 maakte je op dit blog al kennis met Jaap Robben doordat ik het gedicht Knolletjes sokken plaatste. Een prachtig gedicht dat je ook in dit bericht ziet terugkomen. Tijdens de Poëzieweek die nog tot en met 5 februari 2020 duurt, vind je bij de bibliotheek (of boekwinkel) vijf verschillende poëziekaarten bij het motto De toekomst is nu! waaronder een gedicht van Jaap Robben.

Goldfinger – Jan Jansen

‘Er loopt deze week een rode draad door de blogjes van Berthi’, schrijft Mien B. als reactie bij het bericht Rood-zwart. Mij was dit eveneens opgevallen en vandaag wordt er nog een vleugje rood toegevoegd door MaaikeW.


MaaikeW: ‘Het is bijna Valentijnsdag en deze kaart valt hieronder. Dat zal vanwege het hartje zijn neem ik aan want de andere kaart van deze door Jan Jansen ontworpen schoen “Goldfinger” valt onder kunst. Inmiddels heeft schoenenontwerper Jan Jansen 4000 ontwerpen op zijn naam staan. Hij vindt het belangrijk dat de drager of draagster zich speciaal voelt in zijn schoenen en dat men de juiste schoen kiest voor de juiste gelegenheid. Na 50 jaar en 4000 ontwerpen vindt hij nog dat schoenen geheimen voor hun hebben. Wie de schoen past, trekke hem aan?” Maat 37, is net een maatje te klein.’

De schoenenontwerper Jan Jansen is al eens eerder onderwerp op dit blog geweest: Jan Jansen in Museum het Valkhof, Uitverkoop bij Jan Jansen, Jan Jansen in Den Haag en Schoenengala bij Jan Jansen.

Rood-zwart


Annechien Steenhuizen – presentator NOS Journaal 20.00 uur – droeg gisteren kleding in de kleuren rood-zwart waardoor ik direct aan de weesmeisjes van het Burgerweeshuis Amsterdam moest denken. Zoals je weet waren de kleuren van de kleding van deze weesmeisjes eveneens rood-zwart dat ook beschreven staat in mijn boek Merk- en stoplappen uit het Burgerweeshuis Amsterdam.

Tineke stuurde mij een prachtige eigengemaakte kaart met een rode draad voor de expositie Slow Fashion. Anne de Vocht vroeg zich af waar de rode draad oorspronkelijk vandaan komt. Dit prikkelde mij om op internet op onderzoek uit te gaan, wat resulteerde in het bericht De rode draad. Vervolgens kwam de uitleg van Tineke waarom zij de rode draad had gebruikt:

… Mijn reden om de rode draad te gebruiken voor het stiksel op de kaart voor Berthi (Slow Fashion) heeft een heel andere reden namelijk de inbindwijze met rood draad van het boek van Berthi Merk- en stoplappen uit het burgerweeshuis Amsterdam. Gebonden met rood draad en met een opdracht van Berthi voor mij voorin, ook met rood geschreven.

Dit is toch heel speciaal en zelf had ik de link nog helemaal niet gelegd met mijn boek. Dank je Tineke voor dit mooie gebaar!