Snurk beddengoed

Het begon allemaal met een gek ideetje over een kartonnen dozen dekbed genaamd Le-Clochard. En het zat al jarenlang in Peggy van Neer’s hoofd. Haar vriend Erik van Loo was al jaren op de hoogte van dit idee. Hij wilde het dekbedovertrek echt gaan maken en verkopen. Een plan werd uitgewerkt om 40% van de opbrengst aan Stichting Zwerfjongeren Nederland te geven. Want, zo vonden ze, Le-Clochard slaapt alleen lekker als je er daklozen mee helpt.

Le-Clochard was een succes. Er kwam veel aandacht voor het ongewone dekbedovertrek, zowel vanuit binnen- als buitenland. Duizenden dekbedovertrekken werden verkocht. Het bleef niet bij dit ene dekbedovertrek. Nieuwe ideeën ontstonden en de collectie werd uitgebreid met Le-Trottoir, Old School, White Laundry Serie en Schatkaart.

Grondpatronen / antimakassars

Moniek Westerman:’ “Werkdraad”, zo leert mijn oma Dirkje’s breiboek uit 1930. Niet een rode, maar een dunne witte draad verbindt al deze kleedjes en grootmoeders.

De puntjes op de i van ieder volwaardig huishouden tot – pakweg – de jaren 60. Dat past precies in mijn persoonlijke referentiekader: bij ons thuis lagen ze niet (ik werd geboren in 1960) en bij mijn grootouders wel.

Wáár ik mijn verzameling van gehaakte kleedjes het afgelopen jaar ook ter sprake bracht, zelden kreeg ik bijval van mannen. Vrouwen daarentegen gaan vaak helemaal los! Er zijn er die zonder omwegen de neus in zo’n verfrommeld handwerkje steken. Beelden en geuren bestaan naast elkaar: een muf kleedje kan een mens in vervoering brengen over lang geleden.

Ik geef me – nota bene als beeldend kunstenaar – over aan de hype van het moment: delven in het recente verleden. De archeologie die appelleert aan de nostalgie en dwepen met “toen”. “Kennis die uitsterft stemt altijd tot weemoed. Het is cultuurgoed: laten we vooral goed vastleggen hoe het was.” Zo verwoordt Ileen Montijn haar gevoelens in de recente bundel “Dromenland”. Ik weet niet of ik het daar, in het geval van mijn kleedjes, wel mee eens wil zijn. Neem ze in ogenschouw. Cultuurgoed? Het mag van mij ook oude rommel zijn. Afgeschreven materie. Tijdverspilling met terugwerkende kracht. Het begrip nuttige handwerken van tafel geveegd. Terecht naar de kringloopwinkel?

Met welk tijdsgebonden gedachtegoed ging het massaal vervaardigen van deze kleedjes gepaard? Een Oud-Leerares aan de Industrieschool voor Meisjes, te ‘s Gravenhage en schrijfster van mijn oma’s “breiboek” breit de woorden als volgt aan elkaar. “Elk meisje leert het op school en de vrouw van eenvoudigen huize breit voor haar gezin. Niet alleen voor het maken van nuttige en practische zaken is het noodig, dat men leert met de breinaalden om te gaan, maar ook, omdat met de weinig talrijke, verschillende stekenvormen, die het breien ons leert, de mogelijkheid ontstaat, voorwerpen van smaak samen te stellen die zoo mooi en fijn zijn dat zij de vergelijking met elke echte kantsoort kunnen doorstaan.”

Het lijkt erop dat er een morele plicht tot het vervaardigen van goedkope interieurverfraaiing was. Vóór Ikea zijn sporen in ieder huis achterliet, waren het de nuttige handwerkjes. Behoefte tot decoratie “on a budget” is van alle tijden. Vrouwelijke arbeids-priegel-uren werden niet doorberekend.

In mijn installatie wil ik die kostprijs verdisconteren. Loop, oneerbiedig, over de kleedjes en bereken een uurprijs. Een toelage voor toewijding. Geef het bedrag in gedachten terug aan de maaksters, vóór het via de vuilnisbak ons definitief verlaat.

Het eindresultaat, hoewel ieder kleedje uniek is, is ééndimensionaal en helder: er bestaat altijd symmetrie in het patroon. “Pre-televisie-tijdperk creaties” die ingewikkeld zijn maar duidelijkheid scheppen. En, wie weet, ook een heldere geest. Een reactie die ik van internet heb gehaald getuigt in ieder geval dat het tegendeel zou moeten worden bewezen: Om te beginnen wil ik u eerst vertellen dat ik 92 jaar ben. Misschien een reden om dit epistel maar meteen te dumpen, zo niet, dan het volgende: Alle soorten handwerk is stimulerend en geeft meestal voldoening. Ieder zijn keus, maar al op zevenjarige leeftijd kreeg ik aan huis les in handwerken, omdat mijn moeder de mening was toegedaan dat meisjeshanden niet “stil mochten staan”… oef! Toch ben ik haar dankbaar, want in mijn lange leven heeft handwerken mijn leven verrijkt. Zeker in moeilijke tijden… Resultaten hangen aan de muren, liggen over meubels, hangen in de kasten of liggen te vereenzamen in koffers…

Tijdens mijn “graafwerk” naar de kleedjes duikt de – voorheen mij onbekende – benaming antimakassar op (makassarolie = haarolie). Zo beland ik bij een oud begrip dat we zonder de combinatie van ons koloniale verleden en aangeboren properheid niet zouden hebben gehad. Zitmeubels kregen bescherming door antimakassars.

Na iedere wasbeurt volgde het oude ritueel van “stijven”. “Het kleed met suikerwater iets stijven en op een plank met roestvrije spelden spannen en aan de verkeerde kant naar boven laten drogen.” Een generatie terug koesterde de materie.

Ik geef de kleedjes nog een aai over de bol… allen zijn ze gemaakt door de kampioenen én verliezers van het gilde der nijvere huisvrouwen. Want ook toen was niet iedereen een ster! Fijn kantwerk wisselt zich af met het grote-steken-snel-klaar werk. In 1953 maakte een handwerkblad fijntjes gewag van het feit dat niet iedereen even perfectionistisch is. “Voor geoefende haaksters…” (volgt de omschrijving van de correcte werkwijze, gevolgd door een gemakkelijkere manier) en, wordt daaraan toegevoegd: “Wij maken echter erop attent dat de eerste werkwijze veel mooier en juister is.” Ongetwijfeld deed oma Dirkje haar best, maar als ik temidden van al die anderen, haar door overtollige steken bobbelende kleedje monteer, ben ik ontroert door het misbaksel.’

ANTIMAKASSAR

Zoals ze in die veel te volle kamer

ronddrentelt, de zware meubels

afstoft, de foto van opa in zijn witte pak

aanraakt, meer en meer gebogen over

steeds langer geleden tot ze er

al bijna niet meer is

(anoniem gedicht)

Slovz, de trendy Russische laars…

Zijn de UGG laarzen op zijn retour en worden de Slovz laarzen dé nieuwe trend? Als we de trendsetters moeten geloven gaat Slovz het helemaal maken. De van oorsprong Russische laarzen, bekend onder de naam Valenki, zijn ruim 300 jaar geleden ontstaan. Het zijn warme comfortable laarzen die gebruikt worden op de koude toendra’s. Alle laarzen worden met de hand gemaakt door vaklieden. Ieder paar Slovz laarzen is uniek. Ze zijn van 100% schapenwol. Eerst wordt de wol tot vilt geperst waarna het vilt tot een laars wordt gevormd. Zelfs bij -40ºC houden deze laarzen je voeten warm. De Slovz laars past altijd. Hij gaat naar je voet staan. Er is geen rechter- of linkerlaars. Met mooi weer draag je de Slovz laars zo, bij regen- en sneeuwweer is er de bijbehorende Galoche (de overschoen). Deze rubberen Galoche heeft een antislipzool en beschermt de laars tegen water en viezigheid. Zo blijven de Slovz mooi. Wat kosten deze Slovz laarzen? Vanaf € 139 ben je de gelukkige van een paar trendy Slovz laarzen in de kleur bruin, zwart of wit.

Victoria Koblenko wordt het nieuwe gezicht van Slovz.

Pronkjournaal XXI

Wie niet aan de rol wil

Elma: ‘In een reactie heb je het al kunnen lezen. Het begin van de pronkrol. Een nieuw idee is een pronkboek. We nemen een boek met plastic mappen van 30 x 30 cm wat gebruikt wordt voor scrapbooking. Elk werkstukje wordt apart gemaakt en kan dan in de plastic mappen geschoven worden. Door de maat past er ook een origineel stramientje in waar de schoolmerklapjes op geborduurd worden.

De eerste 6 pronkboeken zijn al in bewerking. Dus wie nog veel lapjes heeft liggen en tegen de klus van het innaaien opziet, kan de lapjes ook in een boek stoppen.
Op de foto het boek van Tiny, met het merklapje.
Nog leuk om te vermelden: Aafke is het zusje van Tiny, geboren op dezelfde dag en plaats. Dus hier de eerste pronkende tweeling.

Vorige week in Amsterdam kreeg ik onder andere een klein stukje papier met een kruissteekpatroontje (naar mijn idee) uit de “BAZAR” 27e jaargang 30 mei 1881. Het lettertype is gelijk aan een ander blad van de “BAZAR” uit 1871 wat ik in mijn bezit heb. Voor de duidelijkheid heb ik het patroon getekend en kan erg goed gebruikt worden als tussenstukje.

Nog een idee waar Elly op kwam: maak je eigen tussenzetsels. Door bandjes op de gewenste maat van een restje Aidastof te voorzien van een muizentandje. Dan heb je altijd de gewenste kleur en afmeting.’

Verena – winter 2009

Als gedreven breister (kijk maar naar deze fraai gebreide handschoenen en niet te vergeten de GAAA waarvan je de links in de rechterkolom kunt vinden) werd Mieke S. gegrepen door het winternummer van Verena.

Mieke S.: ‘Vanmiddag ontdekte ik in de tijdschriftenhandel de Verena – winter 2009, een uitgave van Burda. Mooie dingen… al bladerend kwam ik het model tegen dat je op de afbeelding ziet. Áls ik dit vest al zóu gaan maken, dan zeker niet van links! Maar ik moest meteen aan jou denken en heb het tijdschrift gekocht. Er staan trouwens heel inspirerende dingen in. Breien is duidelijk heel erg in.’

Dit ‘linkse’ vest doet denken aan de ‘linkse’ borduurwerken van Rob Scholte. Hier lees je het vervolg over de borduurwerken.

Zie de maan schijnt door de bomen…



Zie de maan schijnt door de bomen

Makkers staakt uw wild geraas

‘t Heerlijk avondj’ is gekomen

‘t Avondje van Sint Niklaas

Vol verwachting klopt ons hart

Wie de koek krijgt, wie de gard

Vol verwachting klopt ons hart

Wie de koek krijgt, wie de gard

Officieel is het nog geen pakjesavond, toch zullen veel gezinnen vanavond al ‘t Heerlijk avondj’ vieren. Wij gaan de avond doorbrengen met het sinterklaasspel. Het begint bijna een traditie te worden!

Ik wens iedereen een super gezellige pakjesavond en na afloop gaan we geen cadeautjes ruilen

De afbeelding komt uit: Het boek voor Sinterklaas (1954), bevattende klassieke en moderne verhalen en verzen alsmede raadgevingen, recepten, wijzen, leisen en al hetgeen men voor een richtige sinterklaasviering dient te weten en daarna ook weer spoedig te vergeten.

Tas van een mangeldoek

Anneke L. kwam in de kringloopwinkel in Duitsland een mangeldoek tegen waarvan het middenstuk kapot was. Zij kocht de doek voor slechts € 0,50. Het goede gedeelte van de mangeldoek bleek groot genoeg te zijn voor twee tassen. Als decoratie zocht Anneke L. een patroon voor applicatiewerk. Haar keuze viel op een idee uit nummer 73 – juni 2009 – van Marie Claire idees. Vacances is met textielverf en met behulp van sjablonen aangebracht, die Anneke L. zelf maakte.

Handwerk bij de HEMA

Frederike: ‘Gevonden bij de HEMA: kerstengeltjes! Voor mijn beide kleinkinderen gekocht, voor net na de Sinterklaas… (Sinterklaas tenslotte eerst). Je moet een traditie ergens starten.

De tasjes van Return to Sender zijn ook erg leuk en vrolijk. Volgens de label die erbij zit, kan het product gemaakt zijn door middel van haken, weven, borduren, mandvlechten, recycling, leer borduren, papier-maché en houtsnijwerk/houtbewerking. Ik zag alleen nog maar de vilten kerstversiering en de tassen met etuis.

Erg leuk, en een verdomd goed initiatief, dat uitgelegd wordt op de website van Return to Sender.’

Tatoeage

Is het je ook opgevallen dat zoveel jongeren tatoeages laten plaatsen? Harten, religie, namen, dieren, bloemen, personen, teksten, nummers, je komt het allemaal tegen. The Lone Knitta liet een tatoeage zetten op haar onderarm, een bol breiwol met een paar breinaalden. Ze moet wel een fervent breister zijn, wil je tot deze stap overgaan. Zij schrijft: ‘It came out better than I thought I would. I love that he made it look like hand painted yarn! Next I am getting a spinning wheel!’

Mocht je overwegen een vergelijkbare tatoeage te laten zetten, dan heb ik het adres voor je waar The Lone Knitta is geweest: Peacock Tattoo in Jacksonville.

Komt een vrouw bij de dokter

Komt een vrouw bij de dokter Wat moet ik er nog over zeggen? De afgelopen week kon je geen krant of tijdschrift openslaan zonder een artikel over deze film tegen te komen. Iedereen had er al een mening over. Donderdag 26 november ging de film in première en na twee dagen bereikte de film al de status van Gouden Film, 100.000 bezoekers. Binnen vier dagen gingen ruim 200.000 bezoekers naar de bioscoop voor KEVBDD. Dit is het beste openingsweekend voor een Nederlandse film ooit.

In de boekenkast van Eline staat het boek Komt een vrouw bij de dokter al enkele jaren. Zij las het autobiografische verhaal van Kluun. Ik nam het boek pas een paar weken geleden in mijn handen. Stijn (Kluun), een reclameman die geld als water verdient, leeft als God in Amsterdam. Hij is getrouwd met Carmen en heeft een dochtertje, Luna. Alles gaat voor de wind totdat zijn vrouw borstkanker krijgt. Stijn is verslaafd aan de vrouwen en is niet vies van een alcoholisch drankje. Het is moeilijk om sympathie te krijgen voor een man die het niet kan laten om vreemd te gaan terwijl zijn vrouw borstkanker heeft. Toch gaat Stijn helemaal voor zijn vrouw en zal tot op het allerlaatste moment alles voor Carmen doen.
Terug naar de film. Op de poststapel lagen nog steeds twee bioscoopkaartjes die ik voor 16 december moest gebruiken. Dat zou de film KEVBDD worden. Maandagavond 19.00 uur vond ik een prima keuze. Voor de zekerheid twee plaatsen gereserveerd, alhoewel het op maandagavond niet spaak zou lopen… Ik vergiste me. Om 18.45 uur konden we buiten in de rij aansluiten. Nagenoeg uitverkocht, eveneens voor het tijdstip van 21.15 uur. De beginscènes van de film volgen elkaar in rap tempo op. Te snel, waardoor je niet goed de kans krijgt om de karakters van Stijn, Carmen en Roos (vriendin van Stijn) te leren kennen. Naarmate de film vordert komt er een passend tempo met een uitstekend einde. Barry Atsma speelt de rol van Stijn voortreffelijk. Hij draagt de film. Carice (Carmen) van Houten en Anna (Roos) Drijver mogen er ook zijn, maar komen niet boven Barry Atsma uit. Reinout Oerlemans zorgt voor prachtige opnames waardoor we zijn regiedebuut als geslaagd kunnen zien.