Textielpost – Schipluiden en Dreischor


LiavI: ‘Donderdag 7 april bezochten mijn vriendin en ik deze theeschenkerij in Schipluiden. De schoonmoeder van mijn vriendin maakte de borduurwerken die in de kamers hangen. De werken zien er, wat mij betreft, prachtig uit. In de kamers-en-suite kan men een consumptie gebruiken en tevens genieten van de borduurwerken.’

In Schakel MiddenDelfland staat een artikel te lezen over deze expositie.


LiavI: ‘Allereerst wil ik je hartelijk bedanken voor je kaart. Wat aardig en attent! Dan deze kaart: Ik kocht hem in het Streek- landbouwmuseum Goemanszorg in Dreischor. Een alleraardigst museum met… heel veel veel handwerkjes en handwerken: zowel door kinderhanden (op school) als voor de uitzet. Deze vrouw draagt blijkbaar niet de dracht van Dreischor, maar van Renesse. Afijn, ik dacht het is haakwerk en een foto van de geschiedenis.’

Lia, het is een schitterende textielkaart met een verhaal. Dit beeld zal zeker voor een aantal lezers herkenbaar zijn. Voor mij is vooral de ‘halve deuropening’ bekend.

Laatste ontbrekende puzzelstukje van de Friese merklap 1786

Bep van Hes nam een kijkje op de website van Merkwaardig en las bij de oproepjes de vragen over de Friese merklap 1786. Ze plaatste een reactie op mijn blog en vervolgens nam ik contact met haar op. Bep heeft zowel het patroon als het A4 velletje papier waar de kleurentabel op vermeld staat. Het patroon is er inmiddels, maar we zaten met smacht op de kleurentabel te wachten.


In totaal worden er zeven verschillende kleuren gebruikt en waar ik het kruisje voor zwart aan zag op de foto moet dus donkergroen zijn. In totaal zijn er drie kleuren groen gebruikt: licht- , middel- en donkergroen. De nummering loopt van 2 tot en met 8. Zoals je ziet zijn er geen kleurennummers vermeld van het borduurgaren. Mijn keuze van het borduurgaren lees je in deze log, waar je ook de links vindt van de eerder geplaatste berichtjes over de zoektocht naar de Friese merklap 1786. Hoe het borduurwerk eruit gaat zien met mijn keuze kun je hier zien.

Met dit laatste ontbrekende stukje van de Friese merklap 1786 hebben we de puzzel compleet. Iedereen die maar wil kan aan de slag om deze legendarische merklap te gaan borduren. Ik wens je veel borduurplezier en met belangstelling kijk ik uit naar de nieuwe reeks Friese merklap 1786 anno 2011!

Textielpost – Markelo


‘Textielpost of speurtocht… Wij hebben hier ons eigen “Merkwaardige” dag: Jeanny, Elma, Hannie en Monique. Komt allen naar deze mooie tentoonstelling. z.o.z. “Koffiedrinken en zie weer een mooie merklap.” Op naar een nieuwe speurtocht!’


‘Vervolg van kaart 1. Wij zullen je het niet moeilijk maken. De merklap hangt in Markelo, gemaakt door MPH, oud 11 jaar, anno 1862. Groetjes Hannie en Monique.’

Allereerst wil ik zeggen dat de expositie Passie voor borduren voorbij is. Deze tentoonstelling liep tot en met 25 april 2011. Nu naar de textielkaarten met toch een speurtocht… Gemaakt door MPH? Waar staan deze initialen? Ik kan ze niet ontdekken. Volgens mij is de maakster van deze merklap IWE. Was IWE 11 jaar oud toen zij deze merklap borduurde? Haar leeftijd is nergens te ontdekken op de merklap. Ja, ze borduurde de lap wel in 1862.

Nu ik het toch over een speurtocht heb, kan ik je vertellen dat het laatste ontbrekende puzzelstukje van de Friese merklap 1786 terecht is. Morgen zal ik het sluitstuk van deze inmiddels misschien wel meest bekende Nederlandse merklap plaatsen op mijn blog.

Tentoonstelling Handmade in het Museum voor het Kostuum en de Kant


Handmade. Waarom dit onderwerp? Waarom nu?. Deze zin is de aanhef die we lezen in de catalogus behorende bij de tentoonstelling Handmade in het Museum voor het Kostuum en de Kant in Brussel.


Galakostuum, rond 1800. Donkerbruin wollen laken, geborduurd met ivoor- en veelkleurige filofloszijde, roomkleurige ondé- en getwijnde zijde in plat-, steel- en cordonsteek, opgehoogd met goud- en zilverdraad, zilveren lovertjes en geslepen glazen kraaltjes. De randen van de voorpanden, de kraag, zakkleppen en mouwomslagen zijn versierd met een slingerend lint van zilveren lovertjes met daartussen roze bloemen en gouden eikenbladeren, terwijl alle randen bovendien worden benadrukt door een ivoorkleurig biesje.

‘Wat vroeger werd beschouwd als het resultaat van alledaags werk, lijkt ons vandaag vaak buitengewoon verfijnd en kostbaar. Daar getuigen de stukken van die we u willen laten ontdekken op deze tentoonstelling. De rode draad wordt gevormd door voorbeelden van schoolhandwerk vanaf 1798 tot het einde van de jaren 1960. Ze worden getoond in relatie met een keuze van kostuums en accessoires uit dezelfde periode. We vullen ons verhaal aan met gepubliceerde methodes om kleding te maken, maar ook schoolschriften en schetsboeken afkomstig van leerlingen die, in Brussel en daarbuiten, gespecialiseerde opleidingen volgden voor linnennaaister, borduurster, modiste, kleermaker, naaister.’ In de tweede helft van de 20e eeuw nam de belangstelling voor het handwerk sterk af. Een korte opleving zagen we in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Vandaag is er opnieuw een reactie, nu tegen de massaproductie van kleding van een slechte kwaliteit. Er bestaat een hernieuwde belangstelling voor ‘met de hand gemaakt’ textiel bij de huidige generatie dertigers, die geen enkele praktische naaiopleiding meer hebben gekregen op school. Zij voelen de behoefte om met mooie, liefst eerlijke materialen en hun eigen handen persoonlijke dingen te creëren. Precies zoals te lezen staat in de log van gisteren over crafty girls.


Avondjurk, herfst-winter 1995-1996. Slechts enkele naden werden met de naaimachine gestikt, de afwerking gebeurde volledig met de hand. Wit merketiket met ingeweven zwarte tekst Gerald/Watelet/Bruxelles.

In de catalogus staan alle 148 tentoongestelde textiel gedetailleerd omschreven. Ruim dertig merklappen, stekenlappen en schoolhandwerk omvat de expositie. Met de stekenlap wordt de pronklap bedoeld want vaak staat hierbij de omschrijving ‘lange strook’ of ‘katoenen doek met allerlei naaiwerk en borduursteken’.


Stekenlap, rond 1880. Gemaakt door Thérèse Tobias au Pensionnat des Soeurs de la Providence de I’Immaculée Conception à Champion. Wit katoenen doek met allerlei naaiwerk en borduursteken met rood en wit katoen.

Het handwerk voor de meisjes van het basisonderwijs staat in detail beschreven in de leerplannen, opgemaakt volgens de wet op het basisonderwijs van 20 september 1884. Zo begonnen de meisjes uit de eerste graad (6-8 jaar) met breien: ze leerden eerst omgaan met twee en later met vier naalden, en wol, en oefenden de rechte en de averechtse steek. Zij maakten een strook of een kousenband met de verschillende steken die ze leerden, vervolgens manchetten (breiwerk zonder naad) en sokken. Het programma voor de tweede graad (8-10 jaar) bestond uit haakwerk, borduur- en dan naaiwerk, waarbij bruikbare voorwerpen werden gerealiseerd: handdoeken, servetten, zakdoeken… De merklappen of abecedaria werden meestal in deze graad gemaakt. Daarnaast kwam het mazen en merken van linnen aan bod. Ze leerden ook kousen breien en andere nuttige toepassingen. In de derde graad (10-12 jaar) kregen ze een herhaling van alle voorgaande lessen en verdiepten ze zich in het echte naaiwerk. De meisjes maakten eenvoudige kleding zoals onderrokken, korsetlijfjes of ochtendjaponnen. Ze leerden ook borduursel, fronsels, knoops- en vetergaten te maken, net als kleren herstellen, kousen stoppen en linnengoed herstellen. Voorbeelden hiervan zijn te vinden op de tentoonstelling.


Tekening in Oostindische inkt van de leerling CH. Schmidt aan het Institut des Arts et Metiers van de Stad Brussel. Jaren 1930.

Om al het mooie handwerk te gaan zien in het Museum voor het Kostuum en de Kant heb je ruim de tijd, de tentoonstelling duurt tot en met 31 december 2011. Openingstijden: elke dag, behalve woensdag want dan is het museum gesloten, van 10.00 tot 17.00 uur. Ook is het museum gesloten op 1 november, 11 november en 25 december. Adres: Violetstraat 12 in Brussel.

Ter gelegenheid van de tentoonstelling Handmade brengt het Museum voor het
Kostuum en de Kant
een publicatie uit met feiten uit de geschiedenis van het handwerk, een dertigtal foto’s en een gedetailleerde beschrijving van alle tentoongestelde werken en hun herkomst.

Foto’s: Museum voor het Kostuum en de Kant

Crafty girls


De nieuwe term voor handvaardigheid is ‘crafting’. Een remedie tegen ‘gepuzzel in het hoofd’. ‘Je kunt in die tijd ook een boek zitten lezen. Maar dit doet meer voor je.’ Zo luidt de intro van het artikel Crafty girls van Annemiek Leclaire in het nieuwe nummer van Vrij Nederland. De illustraties zijn van Valezki.

Kijk, dat is toch mooi, dat zelfs Vrij Nederland aandacht besteedt aan handwerken. Annemiek Leclaire schrijft in haar verhaal hoe populair breien (Stitch ‘n Bitchgroepen en wildbreien), haken, borduren en naaien is. Steeds meer mensen openen bij Etsy een winkeltje om hun eigengemaakte spulletjes te verkopen. ‘Creativiteit’ valt tegenwoordig niet louter meer onder ‘kunst & cultuur’; het is een ‘levensstijl’. De nieuwe term voor deze handvaardigheid is ‘crafting’.

Dat handwerken steeds meer het onderwerp van gesprek mag zijn, blijkt uit een vrouwelijk gezelschap dat tijdens oudejaarsavond de goede voornemens ter sprake brachten. Iemand van een oliemultinational, afgestudeerd in de wiskunde, verklaarde meer tijd te willen voor haar borduurhobby. Haar tafelgenote, die honderd mensen aanstuurt in een trainingsbedrijf, had precies hetzelfde voornemen. Ook zij had dit jaar een borduurpakket voor haar verjaardag gevraagd. De derde, in dienst bij weer een andere multinational, had daarop verklaard ‘s avonds te breien als ontspanning, waarop de vierde, een verkoopster in de interieurbranche, zei dat ze momenteel een haakwerk onder handen had in de vorm van een tiental bloemen, met garen dat hooked zpagetti heette.

Nieuwe magazines verschijnen op de markt die inspringen op de populariteit van crafting. Oh Comely uit Londen: ‘Een tijdschrift dat inspireert om creatief te zijn, met je buren te praten en nieuwe dingen te proberen.’ Uppercase uit Canada, Cut magazine uit Duitsland en in Nederland hebben we Flow. Nieuwste ontwikkeling zijn de craft nights waarbij vrouwen bijeenkomen om te scrappen, te naaien, papier te knippen of sieraden te maken.

Het moge duidelijk zijn dat de belangstelling voor handwerken/crafting nog steeds groeiende is.

100ste geboortedag Annie M.G. Schmidt


We kunnen er vandaag niet omheen. Kranten, tv, radio, boekhandels, Google en noem maar op, iedereen heeft het over de 100ste geboortedag van Annie M.G. Schmidt! Ik dus ook! Voor mijn blog zijn de gedichtjes/liedjes die over handwerken gaan het leukste, maar daar schreef ik al eens over. Kijk hier en hier maar eens. NRC Handelsblad besteedt vandaag vier pagina’s aan Annie met een illustratie van Eliane Duvekot die je hierboven ziet waarop Annie straalt als de Hollandse koningin van het kinderboek. De Volkskrant had vrijdag 13 mei 2011 een interview met de streekhistoricus Gerard Lepoeter (81) uit Kapelle die Annie heeft gekend. ‘Ik kwam vaak in de pastorie met mijn opa, de koster. Annie was toen al ver in de twintig, werkte in de bibliotheek en was de weekeinden thuis. Aan de keukentafel zat ze altijd te lezen. Zei geen boe of ba. Ze zag me niet staan. Ik was nog geen 10, maar ik vond het raar.’ Op de vraag of Annie M.G. Schmidt arrogant was, zegt Gerard Lepoeter: ‘Er is een foto van haar uit 1930. Daarop loopt ze in Kapelle door de straat. Dan is ze 19. Hoe ze daarop kijkt! Er achterop heeft ze geschreven: “Ik loop langs de muur. Het weer is guur. Mijn jas is duur. Mijn smoel is zuur. Toch ben ik La Belle van heel Kapelle.”‘ Dit zegt veel over Annie en Kapelle, volgens Lepoeter. ‘Het dorp en Annie, dat is geen goede verstandhouding. Ze was bijzonder ongelukkig hier. Dat kan ik zonder enige reserve zeggen. Zij was een buitenbeentje in een gesloten gemeenschap. Het dorp lustte haar niet.’ Kapelle is veranderd en het komt alsnog goed tussen Annie en het dorp. Vandaag en morgen zijn er de bijzondere Anniedagen. Concert in de Dominee Schmidt kerk, Anniebal en tentoonstelling in het geboortehuis van Annie M.G. Schmidt.

Exposities, textieldagen en een Hip en Handgemaaktmarkt


Landgoed Verhildersum te Leens organiseert zaterdag 4 en zondag 5 juni 2011 voor de zevende keer textieldagen in de museumboerderij van Verhildersum, van 10.30-17.00 uur. Deze keer met als thema ‘Nuttig en Fraai: textiel, mode en design’.

Er is tijdens deze dagen voor de liefhebbers van textiel weer veel te beleven. Informatie- en verkoopstands vullen dan de museumboerderij, waarbij demonstraties en het uitwisselen van ideeën centraal staan. Tevens word je in de gelegenheid gesteld materiaal aan te schaffen en gratis korte workshops te volgen.

Wat is er te zien en te doen?
Oude handwerktechnieken staan weer volop in de belangstelling. Denk maar aan de vele breiclubs, die als paddenstoelen uit de grond schieten. Ook quilten, vilten, haken, het werken met kralen, enz. zijn in. Tijdens deze textieldagen kun je de moderne toepassingen van allerlei oude technieken zien en zelf proberen en creatieve ideeën opdoen. Naast de vele diverse stands is er een breicafé, een ruilhoek voor handwerkmaterialen en een Eerste Hulp bij Handwerkproblemen.

Het thema ‘Nuttig & Fraai: textiel, mode en design’ sluit aan bij de textielexpositie ‘Mode en het Groninger Platteland’, die van 2 april tot en met 11 september 2011 in het Koetshuis van Verhildersum plaatsvindt. Daarin wordt aandacht besteed aan de relatie tussen de Parijse mode en de mode en dracht in Groningen van eind 18e eeuw tot begin 20e eeuw.

Je toegangskaart is geldig voor het hele landgoed, dus ook voor de tentoonstelling ‘Mode en het Groninger Platteland’.

Voor meer informatie kun je terecht op de site van Borg Verhildersum.
——————————


En de verbeelding sprak, een expositie van textielkunst over het Wevershuis in het Wevershuis tot en met zondag 19 juni 2011 door textielgroep TEXT88.


Weven om te leven – Coco Bouwmeester

De leden van textielgroep TEXT88 brachten afgelopen herfst een bezoek aan het Wevershuis en zag de tot de verbeelding sprekende elementen. Een versleten bedstee, een tochtige zolder, een donkere kelder, een petieterig plaatsje, verweerde tegels, verdwaalde kranten, beschimmelde muren …, alles is voedsel voor fantasieën en verhalen.

Openingstijden: dinsdag tot en met zondag van 13.00 tot 16.00 uur, ‘s maandags gesloten. In de weekends is één van de exposanten aanwezig voor tekst en uitleg.
——————————


Primeur voor Terneuzen: ‘Beweging en contrasten in textiel’. Het is ‘De Galerie’ in Noordstraat 2 gelukt om een groot aantal textielkunstenaars uit heel Nederland bijeen te brengen voor een expositie in de maand juni. De kunstenaars zijn allen lid van de Nederlandse organisatie Steek Plus, zij experimenteren met textiel, combineren oude en bijzondere technieken en gebruiken nieuwe materialen. Zij laten zien dat textiel voortdurend in beweging is. Op de zaterdagen is er telkens één kunstenaar aanwezig om te demonstreren. De expositie is van 1 juni tot 1 juli 2011.

Openingstijden: woensdag, donderdag, vrijdag en zaterdag van 13.00 tot 17.00 uur. Koopzondag (laatste zondag van de maand) 13.00 tot 17.00 uur.
——————————


De expositie Hoogadellijke kant is tot 30 oktober 2011 te zien in de Abdijkerk van Thorn. Een 70-tal historische kantwerken (circa 1550-1800) uit de collectie van Jan Geelen worden tentoongesteld.

De hoogadellijke stiftdames die in Thorn verbleven kleedden zich, conform hun status, niet in sobere habijten, maar in rijke gewaden die uit kostbare stoffen waren vervaardigd. Vanaf de late zestiende eeuw zien we dat ook kant aan populariteit wint bij de dames. Op schilderijen en silhouetprenten uit de zeventiende eeuw vinden we afbeeldingen van stiftdames, op hun paasbest geportretteerd, waarop kledingstukken en accessoires gemaakt van de kostbare kant te zien zijn.

Maar ook in de kerk vindt de kant zijn weg, als versiering van albes en superplies, of stroken aan altaarkleden en op communiebanken.

Openingstijden: maandag van 13.30-17.00 uur, dinsdag tot en met zaterdag van 10.00-17.00 uur en zondag van 12.00-17.00 uur.

MarjaB bezocht deze schitterende expositie en vindt deze tentoonstelling een absolute aanrader. Bovenstaande foto maakte MarjaB in de Abdijkerk.
——————————


Op zondag 5 juni 2011 wordt voor de vierde keer op rij de Hip en Handgemaaktmarkt gehouden in Deventer. De markt is als vanouds op de prachtige locatie aan het water bij Grandcafé DOK H2O. De markt is succesvol en de deelnemers zijn zoveel mogelijk mensen die webwinkels hebben en unieke dingen maken. Het aanbod is veelomvattend. Van sieraden uit touw en vulkanisch gesteente tot kunstige collagekaarten, van barok gevormde ringen tot de meest bizarre poppen, van tassen van stofsnippers of leer tot eigenwijze kinderkleding, van gestapeld servies tot… te veel om op te noemen.

Zondag 5 juni 2011 van 10.00 tot 16.00 uur in Deventer.
——————————

In Museum Kerkelijke Kunst in Workum is tot en met 15 september 2011 een kleine, maar fijne tentoonstelling van glas-in-lood-quilts te zien. De quilts zijn voor het merendeel vervaardigd door de martini-quiltsters uit Dokkum. De dames quilten, deels bijbelse voorstellingen die lijken op gebrandschilderde ramen.

Openingstijden: maandag tot en met zaterdag van 11.00 tot 17.00 uur.

Textielpost – Curaçao

Het is alweer even geleden dat ik textielpost plaatste. Hoogste tijd om een textielkaart te laten zien want ik heb weer een aantal prachtige kaarten mogen ontvangen waar ik ontzettend blij mee ben. Vandaag een textielkaart uit Curaçao die verstuurd werd door de dochter van Lies Huizer.


De dame draagt een hoofddoek met een knoop erin. Dit zou betekenen dat zij getrouwd is.

Elk jaar is er op Curaçao een aantal feestdagen die in het teken staan van klederdracht, folkloristische dans, zang en muziek. De klederdracht werd gedragen tot aan het begin van de 20e eeuw. Voor de vrouwen was dat destijds de saya koe yaki, dat uit een lange klokkende rok en een kort bolero-achtig jakje bestond. Het was gemaakt van een gebloemde katoenen stof en de stof met het zogenoemde panya di perpu (paarse bloemen) motief gold als het deftigst. De rok was wijd klokkend, had veel plooien en aan de voorkant twee aflopende stroken met als resultaat dat de rok aan de achterkant langer was (tot aan de grond) dan aan de voorkant. Onder de rok werd een kamisa oftewel onderjurk van wit katoen gedragen. Hierover droegen de vrouwen dan weer een of twee stijf gesteven onderrokken, saya di abou, met als gevolg dat de rok wijd uit ging staan. Het jakje of vestje eindigde boven het middel en had lange smalle mouwen en een recht horizontaal decolleté, dat de schouders bijna bloot liet. Het werd door twee gouden knoopjes bij elkaar gehouden. Uit de naad aan weerszijden van de bolero hingen repen van dezelfde stof, welke desgewenst onder de borsten werden samengeknoopt.

Onder het vestje werd een onderhemd of kamizool gedragen van dezelfde stof als de onderjurk. Over de blote schouders werd een halsdoek of sjaal gedragen – de abrigu – veelal van wol of zijde vervaardigd. De punten van deze sjaal werden onder het vestje – yaki – doorgestoken en kwamen er aan de onderkant weer uit. De kousen waren wit of gekleurd en gemaakt van grof katoen. Het schoeisel bestond uit een soort pantoffels (qua model vergelijkbaar met de moderne balletschoen) gemaakt van zwarte stof. Het laatste belangrijke kenmerk was de hoofddoek. Op Curaçao hadden de vrouwen drie soorten hoofddoeken: een zondagse hoofddoek met een neerhangende driehoekige punt genaamd punta di Scharloo, een kunstig opgemaakte en in vaste vorm gevouwen hoofddoek, genaamd pètji, met gouden spelden en fraai borduurwerk voor feestelijke gelegenheden en tenslotte een dagelijkse van wit linnen vervaardigde hoofddoek, de lensoe (populair was de lensoe di Madras, vernoemd naar de plaats van herkomst van de stof), geplooid tot een bonnet en met een strik van achteren.

Net als in Volendam kun je in kleurrijke klederdracht op de foto gaan in het Riffort in Willemstad.

Prinses Máxima 40 jaar


Bij de uitreiking van de Appeltjes van Oranje werd prinses Máxima toegezongen ter ere van haar 40ste verjaardag. Cadeautjes mogen dan ook niet ontbreken op zo’n speciale dag en de mooiste presentjes komen van je kinderen. Waarschijnlijk hebben de drie dochters van prinses Máxima iets in elkaar geknutseld. Amalia antwoordde op de vraag of ze iets zou gaan kopen of maken voor haar moeders verjaardag het volgende: ‘Ik denk iets maken, want ik spaar ook voor iets. Zonde van mijn geld.’

Prinses Máxima vond haar 40ste verjaardag een mooi moment om het startsein te geven voor een nieuw initiatief: Kinderen maken Muziek. ‘Als je jarig bent, betekent dit meestal dat je cadeaus krijgt. Ik wil een cadeau geven aan mezelf, of eigenlijk aan de kinderen van Nederland.’

Nog meer feestelijkheden voor prinses Máxima want zij is 10 jaar in Nederland. Op Paleis Het Loo is tot en met 4 september 2011 de expositie Máxima 10 jaar Nederland te zien. Via foto’s, tekstborden en filmbeelden belicht deze tentoonstelling Máxima’s plaats in de Koninklijke Familie en de verschillende maatschappelijke functies die zij vervulde in de afgelopen tien jaar. De geëxposeerde kledingstukken illustreren deze diverse rollen. Zo zijn er outfits te zien van de Belgische modeontwerper Edouard Vermeulen, de Italiaanse couturier Valentino, Nederlander Jan Taminiau, de in New York gevestigde Carolina Herrera en Oscar de la Rente. Ook van twee Argentijnse ontwerpers, Graciela Naum en Benito Fernandez, zijn fraaie lange japonnen aanwezig. Dat de prinses ook kleding koopt in de ‘gewone’ winkel is te zien aan een vest en topje van Missoni. De kleding voor bijzondere gelegenheden wordt in overleg met de ontwerper bedacht en vervaardigd en is zodoende exclusief. De overige kledingstukken zijn in principe voor iedereen beschikbaar.

Foto: ANP

Kantklossen in Barcelona


Correspondent Jan Nabuurs is terug uit Penang. Zijn nieuwe bestemming was een weekje Barcelona en hij trof het! Jan: ‘Op de Ramblas de Raval was dinsdag 10 mei een grote kantklosmanifestatie. Veel deelnemers, een stralend zonnetje en een vrolijke ambiance. Zoals je mag verwachten in zuidelijk Europa behoorden de religieuze onderwerpen tot de hoofdmotieven.’