KunstOer

De monteur kan vrijdag komen. Niet eerder? Nee, vrijdagochtend is pas de eerste gelegenheid. Na een week zonder telefoon en internet zijn we er weer.


Het pinksterweekend (19 tot en met 21 mei 2018) exposeert Ine Keitz enkele stukken uit haar collectie tijdens KunstOer; een manifestatie in en om Winterswijk waar erfgoed, kunst en de natuur samenkomen in een prachtige route. Ine Keitz laat een aantal ontwerptekeningen en vier outfits zien met veel handwerk zoals tweedehands wol geknoopte randen aan een sjaal en kralenversiersels op de rokken. Het grootste deel van de collectie is gemaakt van recycled textiel. Zij verkoopt tijdens dit weekend onder andere sjaals, sporttassen, capuchonsjaals en boodschappentassen.

Burgerweesmeisje en -jongen in de vorm van een parfumflesje

In menig damestasje hoorde een flesje eau de cologne tot de vaste inhoud. Boldoot was één van de fabrikanten die de eau de cologne – in de volksmond odeklonje genoemd – verkocht. Er was een Boldootwinkel in de Kalverstraat 96 in Amsterdam, waar zij weer vertrokken in 1969 of 1970. Het pand van Boldoot lag vlak naast het Burgerweeshuis van Amsterdam; het huidige Amsterdam Museum. Niet zo gek dat Boldoot een parfumflesje in de vorm van een burgerweesmeisje en -jongen uitgaf. Tineke kwam op internet zo’n fraai parfumflesje tegen.


Het burgerweesmeisje van Boldoot heeft een stop in de vorm van een kroon. Deze flesjes met een kroon zijn gemaakt vanaf circa 1890 tot circa 1939 in Duitsland en enkele andere landen. Soms kan de vorm van de stop je helpen om de maker te achterhalen. Zo gebruikte Boldoot de ‘barrel-shaped stopper’.


De burgerweesjongen leunt tegen een Amsterdammertje en heeft net als het burgerweesmeisje de bijbel in de hand.


Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed / Gerard Dukker, 1961. Licentie: CC BY-SA 4.0

WinkelStories vertelt het volgende over de Boldootwinkel: ‘In de Kalverstraat 96 werd in 1919 de beroemd geworden Boldootwinkel annex showroom ‘In ‘t Geurighe Rooske’ geopend naar een ontwerp van architect Jordanus Roodenburgh (1886 – 1972). In de jaren zestig deed Boldoot de winkel van de hand. Het prachtige interieur belandde op de container, de pui kwam op de lijst van Monumentenzorg. Dat dat laatste nog geen waterdichte garantie biedt voor het behoud, blijkt uit het feit dat de toenmalige eigenaar van de broodjeswinkel de ingang in het midden heeft laten verplaatsen naar opzij, waarna later nog meer afbraak volgde. Kortom van de creatie van Roodenburgh en de zijnen is vrijwel niets meer over.’

Volgens overlevering wordt beweerd dat `s morgens, na opening van de Boldootwinkel, één van de medewerkers een flesje eau de cologne over de stoep liet leeglopen zodat de aangename geur de passanten opmerkzaam maakte op het feit dat men deze geurtjes aldaar kon kopen.


Zo ziet de gevel van de voormalige Boldootwinkel er nu uit.

2018: Jaar van Verzet


Verzet staat in 2018 centraal in herdenkingen, vieringen, musea en educatie. Het gaat daarbij om verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog en ook de inspiratie die het ons nu nog biedt. 2018 is het Jaar van Verzet. In samenwerking met Cartoon Movement hebben internationale cartoonisten speciaal bij het jaarthema cartoons gemaakt. Bovenstaande afbeelding vond ik afgelopen woensdag als Boomerang kaart in Amsterdam. De cartoon An unusual game is gemaakt door Sergii Fedko – Oekraïne.

Kijk voor de activiteiten van vandaag op de website van Nationaal Comité 4 en 5 mei.

Maria Austria en Seydou Keïta

Gisteren bezocht ik twee fototentoonstellingen in Amsterdam. Te beginnen met Maria Austria. Leven voor de fotografie in het Joods Historisch Museum en Seydou Keïta – Bamako Portraits in Foam.


Tot en met 16 september 2018 is in het Joods Historisch Museum een tentoonstelling te zien over de bekende Amsterdams-joodse fotograaf Maria Austria (1915-1975). Hierin wordt voor het eerst haar omvangrijke en veelzijdige oeuvre uit de jaren 1930-1975 in onderlinge samenhang getoond. Een indrukwekkende expositie!


Tot en met 20 juni 2018 is in Foam de tentoonstelling Seydou Keïta – Bamako Portraits te zien. Prachtige portretten heeft Seydou Keïta gemaakt.

In 1948 opende Seydou Keïta (1921-2001, Mali) zijn portretstudio in de nieuwe, levendige wijk Bamako-Coura, Mali. In tegenstelling tot de vele westerse fotografen die tot dan toe Afrikanen vooral hadden vastgelegd als object van fascinatie of om kolonisatie te legitimeren, maakte Keïta portretten van zijn landgenoten voor hun eigen gebruik. Men kwam naar de studio van Seydou Keïta om zich op zijn mooist te laten vastleggen: in jurken met opvallende stoffen en extravagante vormen, statige hoofdtooien, of in een westers pak met strikje, stoer leunend op een motorfiets of met een radio onder de arm. Keïta’s portretten tonen hoe de bewoners van Bamako zichzelf zagen en hoe ze gezien wilden worden. Zijn oeuvre weerspiegelt een tijdsbeeld van Malinezen in de jaren vijftig en zestig: de periode van Bamako’s transitie van een kosmopolitische stad in een Franse kolonie naar de trotse hoofdstad van een onafhankelijk Mali.

Keïta’s bijzondere archief van meer dan 10.000 negatieven kwam in 1992 aan het licht dankzij André Magnin, toenmalig curator van de collectie hedendaagse Afrikaanse kunst van Jean Pigozzi. Er werden moderne afdrukken van Keïta’s negatieven gemaakt waardoor zijn werk in de kunstwereld kon worden geïntroduceerd. Dit bezorgde hem internationale roem. De tentoonstelling in Foam bestaat uit gesigneerde moderne afdrukken en een ruime selectie aan unieke vintage prints.

Amalia, Alexia en Ariane in Natan jurkjes


MaaikeW: ‘Wat de prinsessen vrijdag dragen is nog een verrassing maar vijf jaar geleden zagen ze er zo uit in hun Natan jurken van ontwerper Edouard Vermeulen. De stof van de drie jurkjes was hetzelfde, de vorm verschilde per jurkje wat betreft mouwen, halslijn en details. Amalia zou hebben geroepen: “Dat trek ik echt niet aan!” waardoor Edouard Vermeulen toen heeft voorgesteld dat ieder prinsesje haar eigen jurk mocht tekenen. Daarvoor was het goed gebruik in de koninklijke familie om de kinderen dezelfde kleding te laten dragen bij officiële gelegenheden en fotosessies, al dragen de prinsessen op de kinderpostzegels uit 2012 ook niet hetzelfde.’

Schone Borduur Kunst


Zaterdag 28 april wordt de expositie Schone Borduur Kunst geopend in het Historisch Museum de Bevelanden te Goes.

De Koninklijke Kring voor Heemkunde van Kontich bezit een verzameling merklappen die tot de belangrijkste van West-Europa behoort. De groeiende lokale en regionale belangstelling rond deze collectie resulteerde in 2004 in de oprichting van een aparte merklappengroep door Hilde Schollen. De vraag was gekomen van enkele dames voor wie merklappen maken geen hobby, maar een passie is. De groep startte met 14 leden en inmiddels is het aantal gegroeid naar 35. In 2005 kregen zij de naam De Lapzussen.

Tot en met 28 oktober 2018 worden er merklappen en borduurwerken van de Vlaamse Lapzussen tentoongesteld in het Historisch Museum de Bevelelanden te Goes.