Chantillykant


MaaikeW: ‘Bij dit Chantillykant moest ik aan Máxima denken. In 2014 werd in het blog modekoningin Máxima geschreven dat zij vrij terughoudend is in het gebruik van bijzondere en ambachtelijke materialen voor haar kleding. Japonnen met kant worden af en toe gedragen, tops met pailletten en kralen duiken maar zelden op. Jan Taminiau gebruikt wel kant in zijn jurken waardoor Máxima het meer zou kunnen dragen.

Deze textielkaart met Chantillykant uit de collectie van Museum Pakhuis Koophandel in Leeuwarden sluit mooi aan op het bericht van gisteren over Kantevenementen.

Chantillykant is ontstaan in de Franse plaats Chantilly, die grote bekendheid verwierf toen zij in zwart zijden draad gewerkt werd. Madame de Maintenon (1635-1719) draagt op het schilderij van Louis Ferdinand Elle (Musée de Versailles) een coiffure van fijne zwarte kant. In de 18e eeuw werden over de witte kanten mutsen fichu’s van zwarte kant geplooid, die onder de kin vastgestrikt werden. Ook in de 19e eeuw droegen de dames veel zwarte kanten stroken op de japonnen. Kragen, waaiers, parasols, mitaines etc. werden uitgevoerd in Chantillykant. Door de Franse Revolutie ging de kantindustrie achteruit en werd deze omstreeks 1835 overgebracht naar Caen en Bayeux in Normandië waar de Chantillykant een verfijning kreeg die nog niet eerder was bereikt. Ook in Zuid-Oost België ontstond een bloeiende Chantilly industrie. In 1851 waren er in Geraardsbergen 49 kantscholen waar onderwijs werd gegeven in de Chantillykant zodat men van Geraardsbergse kant sprak. Er ontstond een grote export van deze Chantillykant naar Spanje en Zuid-Amerika.

In het bericht Liefde voor kant zie je een foto met twee schouderdoeken van Chantillykant.