Featured

Welkom op mijn weblog

Een duik in het fotoalbum leverde deze foto van mij op. Het is een foto van een paar jaartjes geleden. Een lach kon er toen niet van af. Zelfs een koekjestrommel kon me niet verleiden om een glimlach tevoorschijn te toveren.

Maar ach, het is toch een aardige foto met een verhaaltje. En ja, van verhalen daar houd ik van!

Ik draag een gebreid wollen jurkje, blauw met witte stippen.

Back to Back Challenge


Back to Back Challenge – van rug tot rug – van de rug van een schaap tot de rug van een man! In Swalmen werd afgelopen zaterdag 12 mei geprobeerd om het wereldrecord ‘Back to Back Challenge’ te verbreken. De snelste breister ter wereld, Miriam Tegels uit Swalmen en een team van zes specialisten deden de poging. Ze moesten een schaap scheren, de wol spinnen en twijnen om er vervolgens een volwassen trui van te breien. En dat in minder dan 4 uur en 51 minuten; het huidige Guinness World Record. De internationale ‘Back to Back Challenge’ werd voor ’t eerst gehouden in 1992 in Schotland. De wedstrijd was bedoeld om wol, spinnen en breien uit de vergetelheid te halen.


Het Back to Back Challenge team is er afgelopen zaterdag in Swalmen niet in geslaagd om het Australische Guinness World Record van 4 uur en 51 minuten te verbreken. Voor het Europese vasteland is het team er wel in geslaagd om een record te vestigen met de tijd van 6 uur, 3 minuten en 28 seconden. Miriam Tegels, initiatiefneemster en ongeslagen Guinness World recordhoudster snelbreien: ‘De lat lag hoog, de voorbereidingen waren optimaal, echter het weer werkte niet mee. We startten met een buitentemperatuur van 11 graden. Te koud om lekker soepel te kunnen spinnen en te breien met het team. Met een hogere temperatuur zou de wol ook beter te verwerken zijn geweest, gezien het vetgehalte.’


Dit resultaat smaakt echter naar meer en het team ‘Groenewoud’ blijft strijdlustig. Zij zijn ervan overtuigd dat bij een volgende poging om het Guinness World Record te verbreken haalbaar is. ‘Wat we wel bereikt hebben is om Europa als deelnemend continent op de kaart te zetten. We zijn hiermee een geduchte tegenstander geworden voor Australië, USA, Japan, Schotland, Canada en Zuid-Afrika.’ Eind juni 2012 zal bekend worden wat de exacte ranking zal zijn ten opzichte van de rest van de wereld. De belangstelling was enorm en de sfeer was perfect. De tuin van Pension Groenewoud in Swalmen vormde het decor voor de uitdaging. De eigenaren, Paul Keulen en José van Wijlick hadden de schitterende locatie gratis ter beschikking gesteld. Aan het initiatief was een goed doel gekoppeld; Stichting Kumi Hospital Uganda , een initiatief van de Swalmense verloskundige Steffie Mooren. De opbrengst van de verkoop van koffie, vlaai (die gratis beschikbaar was gesteld door Swalmer bakkers), originele spullen uit Uganda en de verkoop van vers geschoren wol van schapen van boer Ton Dings uit Asselt heeft ruim € 700 opgebracht.

Udeng – hoofddeksel voor de Balinese man


Gisteren kwam ik onverwachts deze man tegen in de Balinese dracht. Sinds drie jaar woont EvertR. op Bali en op dit moment is hij voor een kort familiebezoek in Nederland. Twee dagen werden foto’s geëxposeerd in Stiphout. Foto’s die EvertR. op Bali maakte. Prachtige afbeeldingen en de bijbehorende verhalen maakte het geheel compleet. Natuurlijk kon ik het niet laten om te informeren naar zijn kleding. Hij droeg een baju, een hemd met lange mouwen en machinaal borduurwerk. De sarong had hij voor even vervangen voor een zwarte pantalon. Het meest opvallende aan de Balinese dracht voor mannen is het hoofddeksel, genaamd de udeng. De udeng is een doek die op een speciale manier wordt gevouwen waarbij de knoop op het voorhoofd komt te zitten. Je kunt ook een voorgevormde udeng kopen zoals het exemplaar van EvertR. Het traditionele hoofddeksel kan in verschillende kleuren worden gedragen. De udeng op de foto is voor elke dag. Voor een ceremonie in de tempel wordt een witte udeng of wit met een patroon waarin gouddraad is verwerkt gedragen. Voor een huwelijk heeft een udeng van batik of met batikmotief de voorkeur en voor een crematie geldt een zwarte udeng of eentje met batikmotief en een zwart accent.

Er worden meerdere betekenissen gegeven aan het hooddeksel de udeng. Sommigen beweren dat de hoofddoek symbool staat voor de Hindoe drie-eenheid: Brahma, Wisnu en Siwa. Anderen beweren dat de udeng dient als verbinding tussen God en de mens.

Textielpost – Moederdag 2012


De ene moeder krijgt voor Moederdag bonbons, de andere een bos bloemen en voor mij lag er een mooie textielkaart op de deurmat. Alleen moet ik Thijmen nog even duidelijk maken wat het verschil is tussen breien en borduren.


Thijmen: ‘Speciaal voor Moederdag een textielkaart met een gebreide tekst erop! Fijne Moederdag!’

Breien en breimotieven

Gisteren in NRC Handelsblad een grote illustratie van een breiwerk van Lobke van Aar en vandaag in de Volkskrant een illustratie van Han Hoogerbrugge.


Het eurobreiwerk gaat scheuren. ‘De financiële integratie van Europa gaat voor het eerst sinds begin jaren tachtig achteruit’, zegt Ignazio Angeloni, adviseur van de ECB in Frankfurt. De Fransen hebben daar een prachtig woord voor: détricotage. Als een breiwerk dat je uithaalt.


De Hollandse kunstenaars Sjaak Langenberg en Rosé de Beer gebruikten het motief van een Noorse trui voor het afbakenen van een parkeervak. ‘Er zit sneeuwkristal structuur in verwerkt. Elke streek heeft zijn eigen motieven waar je veel aan kunt aflezen: of iemand getrouwd is of niet. Het is een heel repetitief patroon, daardoor heel geschikt voor parkeerbelijning.’


Poetslappen en nieuwe draden uit oude vodden. Van al het textiel dat wordt ingezameld is iets meer dan de helft goed genoeg voor arme landen. De rest wordt gerecycled. Uiteindelijk hoeft er maar 8 procent te eindigen in de verbrandingsoven. ‘Van de ondraagbare kleding of lappen worden poetsdoeken gemaakt, vulling van autostoelen of isolatiemateriaal.’ Van oude kleding nieuwe maken gebeurt nauwelijks. ‘Dat is veel te arbeidsintensief. Misschien gebeurt het wel op kleine schaal, maar het is geen industrie’, zegt Van den Brink. … Deze maand is door de kledingbranche uitgeroepen tot Nationale Kledinginzamelmaand. Van den Brink: ‘Het aanbod is enorm. Nu moeten we het nog ophalen en er een business van maken.’

Colette Berends 13.10.1934 – 23.4.2012

Op 13 oktober 1934 werd in het gezin Berends een jongen geboren die al op jonge leeftijd voelde in het verkeerde lichaam geboren te zijn. Hij zag zichzelf al snel als jonge elegante vrouw. Voordat zijn droom werkelijkheid zou worden moest hij een lange weg afleggen, maar uiteindelijk werd het geboorteregister veranderd in Colette Berends.

Colettte heeft een veelbewogen leven achter de rug. Op haar twintigste vond ze dat Zwolle te klein was en trok ze de wijde wereld in. Eerst naar Den Bosch, daarna Den Haag, Brussel, Genève, en Hamburg, waar ze als etaleuse werkte. Op een dag had ze genoeg van het inrichten van etalages en ging naar Amsterdam om daar in een nachtclub te werken. Na anderhalf jaar ging Colette naar Zuid-Frankrijk, daarna Athene, Zürich, Wenen, heel Europa door. Ze zong en danste. Toen zij begon was ze tegen de dertig, en meestal hield je er op die leeftijd mee op. Maar Colette heeft het cabaret tot haar 48ste volgehouden. Hierna keerde ze terug naar Zwolle waar ze zich ging toeleggen op het maken van wandkleden. ‘Ik wilde iets gaan doen waar ik de rest van mijn jaren ook gelukkig mee zou zijn. Ik had een heel afwisselend leven gehad en ineens zat ik tussen de vier muren van een flatje. Wil je niet gek worden, dan moest er iets gebeuren. Ik heb altijd al een zwak voor stof gehad en er wat mee willen doen’, vertelt ze in een interview voor de Telegraaf op 9 februari 1991. Ze maakte vele prachtige wandkleden waar ze dagen, weken mee bezig was. ‘Met de gezichten ben ik heel lang bezig. Mond of ogen knip ik gewoon uit de hand. En dan probeer ik alsmaar tot het precies op de goede plek zit. De draad waarmee ik alles vastzet, gebruik ik heel bewust. Je kunt er een tekening mee oproepen: rimpels in een gezicht, de lijn rond een oog. Zo’n wandkleed vergt honderden uren. Het is heel belangrijk dat de compositie goed is en dat er een bepaald evenwicht is. Anders wordt het een rommeltje, juist door die veelheid aan kleuren.’


Clowns van Fellini 1998. Naar de beroemde film van Fellini. Clowns die vrolijkheid, afgunst, verdriet en dood weergeven.


La Valse de Camille Claudel 200. Haar beeld van de wals op de achtergrond. De violiste speelt haar tragische levenslied.


Carlo en Ricardo 2002. Carlo en Ricardo zijn twee personen uit de film Farinelli.

Colette was een kunstenares die schilderde met stof, draad en naald, en daarmee de prachtigste voorstellingen op doek kon vastleggen. Was, want Colette overleed op 23 april 2012, maar de fraaie wandkleden zullen altijd een blijvende herinnering aan haar zijn. Colette wist het te omschrijven in de volgende mooie woorden die te lezen staan op haar rouwbericht: ‘Missen zal ik alles waar ik van hield, herinneringen zijn onze grootste rijkdom.’

Textielpost – Bozen (Italië)


Greet van Duijn: ‘Een groet uit Italië, Bozen. In het museum Ötzi, de man die in het Ötzal is gevonden en daar 5300 jaar geleden leefde. Een schat aan informatie over prehistorische kleding en gebruiksvoorwerpen. Wat mij opviel is dat het kledingstuk voor het bovenlichaam (rechtsonder) gestreept is door verschillende soorten bont. Zou dat al neiging tot versieren zijn? Overigens zou tentoonstellen van menselijke resten in Nederland tot een pittige discussie leiden, hier doen ze het gewoon.’

Wie was Ötzi? Wikipedia zegt het volgende hierover: ‘Ötzi was een man van circa 45 jaar, oud voor die tijd. Hij was circa 1,60 m lang. Uit onderzoek blijkt dat hij weinig vet had. Bij leven moet hij zo’n vijftig kilogram gewogen hebben. Zijn lichaam telt 59 tatoeages. Ze werden veroorzaakt door inkervingen in de huid die daarna met koolpoeder zijn ingewreven. Mogelijk ging het hier om een behandeling tegen de artrose waaraan de man leed. In zijn longen bevonden zich deeltjes van de rook van houtskoolvuurtjes. Uit analyse van DNA, van stof en stuifmeelkorrels en van de isotopenverhoudingen in zijn gebit blijkt dat hij zijn jeugd in de buurt van het huidige dorp Feldthurns ten noorden van Bozen doorbracht, maar later in valleien een kilometer of vijftig noordelijker ging wonen. Zijn kleding was nog gedeeltelijk intact en bleek verrassend goed aangepast aan de eisen van het klimaat in de Alpen. Hij droeg complexe, gevoerde schoenen. In zijn maag-darmstelsel bevonden zich de resten van twee maaltijden. De laatste was er een van edelhertenvlees en eenkoorn, een primitieve tarwesoort. De voorlaatste was er een van steenbokvlees. In de maaltijd zaten stuifmeelkorrels passend bij een naaldbos op middelmatige hoogte. Een gevonden sleedoornpruim (Prunus spinosa) plaatst het seizoen van overlijden wellicht in de zomer[bron?]. Ötzi had donkerbruin tot zwart haar, dat op een lengte van circa acht centimeter was afgeknipt. Hij droeg een baard. Hij had geen luizen, maar in zijn kledij zijn wel twee vlooien gevonden. Zijn voor die tijd hoge leeftijd en de voorwerpen die hij bij zich droeg, vooral de kostbare koperbijl en de berenmuts, wijzen erop dat hij een zekere status moet hebben gehad.’

Azerbeidzjan

Marjo B-W reageerde op het logje over de Floriade waarbij ik het paviljoen van Azerbeidzjan laat zien. Het afgelopen jaar is Marjo B-W vier keer in Azerbeidzjan geweest en kan ons dus veel vertellen over dit land.

Marjo B-W: ‘Eind mei vindt het Eurovisie Songfestival plaats in Baku, de hoofdstad van Azerbeidzjan (AZ). Er zullen dan tussen de liedjes door, prachtige beelden van AZ vertoond worden. Mooie moderne gebouwen en de oude ommuurde stad van Baku, natuurbeelden van het platteland. Het grote contrast tussen arm en rijk zal vermoedelijk niet te zien zijn. Mijn man werkt als veeteelt-adviseur in ontwikkelingslanden en inderdaad, ondanks de grote olie- en gasrijkdom van AZ, is het platteland nog een ontwikkelingsland. Mensen (inclusief leraren met een universitaire opleiding) verdienen amper 200 euro per maand, en de armoede is groot. De inkomsten van het land worden niet gelijkwaardig verdeeld. Hoe mooi de hoofdstad ook is, altijd hou ik in gedachten dat het platteland zo arm is.


AZ heeft een lange historie. Er zijn grottekeningen gevonden die zo’n 30.000 jaar oud zijn. Het land is vaak overheerst geweest door omliggende landen; in de vorige eeuw was het onderdeel van de Sovjet-Unie. In de regio speelt het een centrale rol op het gebied van tapijten. Er worden per regio verschillende motieven gebruikt die al honderden, misschien wel duizenden jaren oud zijn. Het garen wordt plantaardig geverfd, wat kan resulteren in verkleuring door zonlicht. In het tapijtmuseum in Baku vindt men een overvloed aan prachtige tapijten. Foto’s mogen er niet gemaakt worden, en er loopt iemand met je mee om toe te zien dat je dat ook niet doet… Naast geweven en geknoopte tapijten kan men in AZ prachtige nationale kostuums vinden. Het wordt niet dagelijks gedragen, daarvoor zijn de kostuums te kostbaar. Maar bij festivals en andere bijzondere gelegenheden zie je ze nog.



Daarnaast probeert men andere oude technieken, op het gebied van patchwork (er zit geen vulling in en ze zijn niet doorgestikt) en borduren (bijvoorbeeld rondom houten latjes) te stimuleren en te bewaren in bijvoorbeeld een plattelandshotel annex museum, waar de ramen van de eetkamertjes bedekt zijn met geborduurd katoen. Grote geborduurde kleden worden verkocht in de souvenierwinkeltjes van Baku. In restaurants in de keldergewelven in de hoofdstad worden de muren versierd met bijvoorbeeld oude zadeltassen die door paarden of kamelen gedragen werden. Vroeger lag het op de zijderoute van/naar China, en nu vindt men er nog prachtige zijden sjaals. Ook gebreide sokken van plantaardig gekleurde wol zijn volop te koop, want de winters zijn lang en verwarming kent men amper. Na de jarenlange onderdrukking door de Sovjet-Unie is men er weer trots op de eigen tradities uit te dragen en misschien wel door de armoede maakt men nog zoveel mogelijk zelf.’

Door het verhaal van Marjo B-W zal ik beslist anders naar Azerbeidzjan kijken tijdens de uitzending van het Eurovisie Songfestival. Op de Floriade presenteert Azerbeidzjan zich van de mooiste kant, maar ja, wie doet dat niet. Hoe meer mensen hun land bezoeken, hoe liever!

Ellen Korth – Utilité


Ellen Korth is gefascineerd door mensen die een passie hebben voor handwerken. Ze wilde daar iets mee doen met haar kunst en ook graag kennismaken met de handwerkwereld. Het werd een bijzonder vormgegeven boek waarin veertig mensen worden geportretteerd. Weven, breien, quilten, borduren en kantklossen komen aan bod om een paar voorbeelden te noemen. Door de speciale vormgeving van het boek maak je op een aparte manier kennis met de persoon die zich bezig houdt met de desbetreffende handwerktechniek. Grafisch vormgever Sybren Kuiper heeft het boek ingenieus in elkaar gezet. Hoe het boek in elkaar zit, kun je het beste bekijken op de website van Ellen Korth.


Utilité is onlangs uitgeroepen tot Het Best Verzorgde Boek van 2011. Daarnaast kreeg Ellen Korth een zilveren medaille op de tentoonstelling Schönste Bücher aus aller Welt in Leipzig. In New York kreeg haar boek een eervolle vermelding bij de manifestatie Photography Book Now in de categorie Documentary Book Now.


In het najaar laat het Stedelijk Museum Amsterdam een tentoonstelling zien van Het Best Verzorgde Boek 2011. Stedelijk Museum Zwolle presenteert in september de expositie Utilité in het kader van rituelen.

Vrijheidstafelkleed

Na het Nationaal Ontbijtlaken is er vanaf vandaag het Vrijheidstafelkleed. Het Amsterdam Comité wil voor 5 mei een nieuwe traditie in het leven roepen. Het vieren van het einde van de Tweede Wereldoorlog moet voortaan gebeuren door met elkaar te gaan eten: de Vrijheidsmaaltijd. Niet met familie of vrienden, maar bij voorkeur met onbekende mensen om met hen samen te praten over vrijheid. Maarten Baas kreeg de opdracht van het Amsterdam Comité om een ontwerp te maken voor deze nieuwe traditie. ‘Ik wilde iets maken wat van iedereen is, waarvoor je geen kunstkenner hoeft te zijn, maar wat ook niet te oppervlakkig is. Het ontwerp moest zowel iets feestelijks hebben als iets beklemmends. Daarom heb ik voor de lange draden van het kleed, de “ketting” zoals dat in vaktermen heet, ongebleekt katoen gekozen, maar voor de inslag, de dwarsdraden, een goudkleurige lurex’, vertelt Maarten Baas vandaag in NRC Handelsblad.


Het Vrijheidstafelkleed heeft een lengte van zestig meter waar de namen van alle Amsterdammers op staan, in totaal 780.559. De 20.000 illegalen worden met een X aangegeven. Het tafelkleed is gemaakt in het Textielmuseum. De machines in het museum kunnen heel fijn weven, 36 draden per cm dat ook belangrijk was om de namen van alle inwoners van Amsterdam op het kleed te verwerken. Hiervoor is ook een speciaal lettertype gekozen. Bertjan Pot heeft onlangs het lettertype Font of the Loom ontworpen en werd voor de eerste keer toegepast voor dit tafelkleed.


Op 13 april om 11.00 uur werd het tafelkleed met bijbehorende servetten voor de Vrijheidsmaaltijd gepresenteerd op de Dam. Vanavond schuiven bekende en onbekende mensen aan om samen te praten over vrijheid. Na afloop wordt het Vrijheidstafelkleed geschonken aan het Amsterdam Museum.

Maarten Baas: ‘Dit tafelkleed dat op 5 mei over 60 meter uitgestrekt ligt, is een portret van Amsterdam op dit moment. Al die nationaliteiten, al die kleuren en identiteiten – dat gaat over vrijheid.’